HAAGSCHE COURANT
Woensdag 21 juni 1995
Bijlage Parkpop
Podium 2 17.45-18.50
TERENCE TRENT D'ARBY IN DE BAN VAN DE VIBRATIES
door Louis du Moulin
Langzaam maar zeker zijn ook de laatste zwakke zonnestralen
uit de sjieke hotelkamer verdwenen. De in een forse fauteuil hangende
Terence Trent d'Arby is daardoor zo goed als onzichtbaar geworden,
maar nog altijd niet minder spraakzaam. Logisch eigenlijk, gehoord
de aard van het merendeel van zijn traag opgelepelde ontboezemingen:
filosofische bespiegelingen met een hoog orakelgehalte.
Gelukkig is er volop tijd om hem aan te tand te
voelen, zodat af en toe het meer '(be)grijpbare' toch aan de orde
komt, zij het zelden 'sec'. Want de exentrieke Amerikaanse soulzanger
wil nu eenmaal graag kwijt dat hij meer in huis heeft dan een
begenadigde stem plus het vermogen om pakkende liefdesliedjes
te schrijven en op te nemen. "Filosofie betekent letterlijk
zoeken naar wijsheid en daar ben ik in feite voortdurend mee bezig.
Zoals alle belangrijke muzikale talenten, denk ik. Daarom is Dylan
voor mij als denker net zo belangrijk als Kant, Hegel of noem
maar een algemeen erkende traditionele filosoof", verduidelijkt
hij zijn eigen positie bij zijn rentree met het album 'Vibrator'.
Alweer een opmerkelijke titel dus van de ex-boxer
en voormalige beroepsmilitair die in 1987 wereldwijd doorbrak
met 'The Hardline According To Terence Trent d'Arby'. Eentje zelfs
die - in combinatie met z'n reputatie als supermacho - sommige
vrouwelijke journalisten al bij voorbaat blijkt af te schrikken.
En daar kijkt TTD (33) best van op, want provoceren is dit keer
niet echt zijn bedoeling geweest. ,,'Vibrator' is gewoon zo'n
prachtwoord. Het kwam zomaar in me op, zoals de meeste ideeën
voor liedjes.
Waarschijnlijk omdat het enerzijds iets tastbaars
is, zijnde natuurlijk het bekende hulpstuk voor in de slaapkamer,
maar anderzijds evenzeer staat voor iets spiritueels en dan doel
ik op de vibraties die van alles en nog wat uitgaan". GOLFLENGTE
Wat je ook noemt, het vibreert volgens een eigen frequentie, weet
Terence Trent d'Arby. Waar het nu om gaat is om ervoor te zorgen
dat je zoveel mogelijk wordt omgeven door mensen, dieren, voorwerpen,
etcetera die op jouw golflengte zitten. "Blijf daar naar
zoeken en laat alles waarvan je het gevoel hebt dat het niet bij
je past met rust. Zou iedereen zo bezig zijn, dan zou de wereld
er veel beter aan toe zijn. Maar helaas, de meeste mensen zijn
daar niet toe in staat en blijven toch overal hun golflengte opdringen.
Het enige dat ik daar aan kan doen is ze daarop wijzen, in de
hoop dat er alsnog een lampje gaat branden", vat TTD zijn actuele
privé-filosofie in een notedop samen.
Waarom hij dat doet als zingende glamourboy? "Omdat
muziek van alle kunstvormen het meest direct heel diep kan raken.
Film is de meest complete kunstvorm, omdat er zoveel andere in
kunnen worden opgenomen. Daar voel ik me ook zeer toe aangetrokken,
maar met muziek heb je zoveel meer vrijheid. Vooral als je een
gevestigde naam bent zoals ik", meent D'Arby, wiens geblondeerde
poedelkapsel de hele avond verborgen zal blijven inder een grote
grijze pet. "Met het klimmen der jaren word je uitdrukkingskracht
bovendien nog eens vergroot door het feit dat je alles beter kunt
benoemen. Wat ik nu produceer is veel meer to the point, veel
gestroomlijnder dan wat ik een paar jaar geleden mocht afscheiden.
Vraag me dus maar niet meer naar mijn oudere repertoire", zegt
hij lachend.
In zijn geval speelt volgens hem ook nog mee dat
muziek hem met de paplepel is ingegoten. "Mijn oudste herinnerig
dateert van 31 jaar terug. Ik was twee jaar toen ik thuis in New
Jersey The Beatles op de radio hoorde. 'She Loves You' en 'I Wanna
Hold Your Hand', waarbij mijn moeder door de kamer huppelend meezong.
Als zoiets je zo lang bij blijft, dan moet het wel heel hard zijn
aangekomen. Hoe hard merkte ik onlangs toen ik Paul McCartney
ontmoette en hij me vertelde dat hij een fan van me is. Ik stond,
voor één keer, perplex. Want die woorden kwamen wel uit de mond
van de man die mede-verantwoordelijk is geweest voor mijn eerste
bewuste herinnering!"
PRINCE
Nadien heeft hij zich met alle mogelijke sauzen laten overgieten.
om ten slotte op de proppen te komen met een eigen recept, waarin
het gedachtengoed van soulvedetten als Sam Cooke, Otis Redding
en James Brown veel nadrukkelijker aanwezig is dan de (pop)rock
uit de jaren zestig en later. Datzelfde persoonlijke geluid vertoont
tegelijkertijd soms nogal wat verwantschap met dat van (The Artist
Formely Known As) Prince, een van de weinige collega's bij wie
d'Arby's 'vibratie-theorie' ook in de praktijk opgaat. "We
kunnen het, als we samen zijn, goed met elkaar vinden. Het komt
er alleen niet zoveel van. Ik zou Prince ook geen vriend durven
noemen. Welgeteld ken ik niemand uit het vak met een vergelijkbare
bekendheid die voor die benaming in aanmerking zou kunnen komen".
Die soms betreurde eenzaamheid valt niet los te
zien van zijn consequente opstelling als pure ladiesman, geeft
TTD desgevraagd toe. "De mannelijke kant van mijn persoonlijkheid
is bij mij inderdaad altijd zwak ontwikkeld geweest. Ik heb me
onder jongens altijd minder op m'n gemak gevoeld dan in het gezelschap
van meiden. Met het uiwisselen van intieme ervaringen wist ik
bij de jongens uit mijn omgeving absoluut geen raad. Ik weet nog
dat ik mijn eerste sexuele ervaring achter de rug had. Zij hadden
het maar over een drie uur durende sensatie gehad, terwijl ik
hooguit een kwartiertje was beziggeweest. Pas veel later leerde
ik dat maar weinig vissers uitkomen voor de ware lengte van de
vis die ze vangen", aldus d'Arby.
"Inmiddels zit ik wel op een punt dat ik bewust
meer moeite wil doen voor meer mannelijke kameraadschap in mijn
leven. Samen lekker naar een voetbalwedstrijd kijken, wat drinken,
een voor vrouwen niet te pruimen dolletje maken, dat zijn toch
dingen waar ik ook volop van geniet. Maar schrik niet, negen van
de tien keer dat ik mag kiezen zal ik nog steeds liever met een
vrouw gaan stappen dan met een man".